Artikelindex

 

Carillon Oldenzaal, hoe een eeuwen lopend systeem tot verbeelding spreekt (door Tonneke van Dorp)

In een vakantie bezoeken veel mensen vaak een kerk of meerdere kerken. Het valt mij op hoe snel sommige bezoekers denken genoeg te hebben gezien. Een kerkgebouw is als een museum: je moet er naar leren kijken. Je mag best tijd maken voor een ontdekkingstocht, je wordt daar zelfs rijk van.
Kijken naar een gebouw en proberen de geschiedenis te begrijpen. Dat kan door informatie te lezen of als je geluk hebt naar een gids te luisteren. Maar voor mijn gevoel mis je dan wat. Wij weten dat het woord kerk niet enkel gebouw betekent, er horen mensen bij.
Vaak is in kleine dingen te proeven wat voor soort gemeente of parochie er momenteel huist. Goed verzorgde details als gepolijste banken, mooie bloemen, tekenen van diaconale projecten, kunstwerkjes van nevendiensten, zelfgemaakte standaards of trapjes, vrijwilligers die willen rondleiden, versierde scheidingswanden, gepoetst koper, een spaarmeter voor een renovatieproject, gehaakte of geborduurde kleden op tafels, een organist die enthousiast zit te oefenen.
Heel voorzichtig probeer ik dan conclusies te trekken. En ik ontkom er niet aan te vergelijken (is de mens nu eenmaal eigen). Wie mij kent zal het dan niet verbazen waar mijn dankbaarheid voor onze eigen vele vrijwilligers vandaan komt. Elk jaar weer. Dit jaar kwam er iets onverwachts bij: het toekomstbeeld. Kun je ook voorzichtig proberen te kijken naar wat nog komt? Mijn verwachtingen waren sceptisch. Toch vond ik het in Oldenzaal. Daar is de kerktoren van de stadsgemeente (heeft te maken met de stadhouder die de beschikking tot een uitkijktoren moest hebben) en de VVV organiseert rondleidingen. Het 'enige' dat je dan kunt zien en horen is het carillon.
De kerk is ook prachtig hoor, maar daar wil ik het nu niet over hebben. De toren van zandsteen laat laag voor laag een constructie zien waarbij het duidelijk wordt hoe dit imposante, melodische systeem werkt. En hoe lang het al werkt, dus dat het voorlopig ook wel zo zal blijven werken. Met een trommel, eigen beiaardier (met een heus concertprogramma), 48 klokken en heel veel verbindingen daartussen. Met de precisie van een Zwitsers uurwerk! En dan ineens weet ik het.

Mijn verbeelding van de Hoeksteen in 2017 is een soepel lopend radarwerk dat, dankzij de inzet van velen, zijn precisie als vanzelfsprekend weet te behouden.